Waterzuivering in de praktijk
Waterzuivering in de praktijk
Medicijnresten glippen erdoor
- Rioolwaterzuivering vormt de laatste verdedigingslinie vooraleer medicijnresten uit het huishoudelijk afvalwater in het oppervlaktewater belanden.
- De huidige technologie om medicijnresten te verwijderen is niet perfect. Geen enkele methode haalt 100%, en allemaal vergen ze aanzienlijke investeringen en energie.
- Om ook de laatste microverontreinigingen te verwijderen tijdens waterzuivering, zijn extra geavanceerde zuiveringstechnieken nodig, zoals ozonatie, actief kool en nanofiltratie.
- De echte oplossing voor een zuivere lozing in oppervlaktewater ligt in het voorkomen dat geneesmiddelen überhaupt in het afvalwater terechtkomen.
Inleiding
Zuivering van huishoudelijk afvalwater (influent) start met een mechanische reiniging via roosters om grof vuil te verwijderen. Daarna volgt een microbiologische zuivering in een actief-slib systeem, waarbij micro-organismen het opgeloste en fijnverdeelde organische materiaal verwerken: menselijke uitscheidingsproducten, voedselresten en detergenten. Dit organisch materiaal wordt omgezet in koolstofdioxide, water en nieuwe biomassa (slib). Nitrificatie en denitrificatie verwijderen grotendeels de stikstofverbindingen, terwijl een chemisch proces fosfor doet neerslaan. Na deze biologische en chemische stappen volgt een nabezinking waarbij het slib zich scheidt van het gezuiverde water (effluent), dat vervolgens rechtstreeks in een waterloop terecht komt.
Medicijnen zijn hardnekkig
Geneesmiddelen worden ontwikkeld om in het menselijk lichaam voldoende stabiel te blijven om hun therapeutisch effect te kunnen uitoefenen, want het menselijk lichaam is chemisch en enzymatisch zeer actief met o.a. maagzuur, metabole enzymen en oxidatieve processen. Diezelfde chemische stabiliteit van medicijnen maakt dat sommige van deze stoffen ook in het aquatisch milieu relatief moeilijk biologisch afbreekbaar zijn.
Veel medicijnmoleculen zijn dan ook geen gemakkelijk ‘voedsel’ voor de micro-organismen in een waterzuiveringsstation. Zo staat diclofenac bekend als persistent in klassieke rioolwaterzuivering. Daarbovenop kunnen sommige moleculen, zoals antibiotica, een remmend of zelfs toxisch effect hebben op de microbiële populaties die instaan voor de waterzuivering. Zo blijft een aanzienlijk deel van de aangevoerde medicijnresten intact en spoelen ze door naar de waterloop waarin het effluent terechtkomt.
In een standaard waterzuiveringsstation is geen specifieke module voorzien om medicijnresten te verwijderen. Toch is het mogelijk om een deel tegen te houden via co-incidentele afbraak (een deel wordt afgebroken als co-substraat bij de biologische zuivering) en door adsorptie aan slib: sommige hydrofobe medicijnen hechten zich aan slibvlokken en worden met het zuiveringsslib uit het water gehaald en vervolgens thermisch verwerkt (verbranding). Gemiddeld haalt waterzuivering ongeveer de helft van de medicijnresten uit het afvalwater, maar de spreiding is groot: >90% voor paracetamol, <30% voor diclofenac en <10% voor carbamazepine. Dat betekent dat er altijd een restfractie doorgaat.1,2
Extra zuivering
Om ook die laatste (micro)verontreinigingen te verwijderen, zijn extra geavanceerde zuiveringstechnieken nodig: een vierde zuiveringsstap na de mechanische, biologische, en chemische fase.
Bij ozonatie (geavanceerde oxidatie) bubbelt ozongas op het einde van de zuiveringsketen in het effluent. Ozon is een sterk oxidans en kan veel organische moleculen ontbinden door het doorbreken van dubbele bindingen en ringstructuren. Ozon oxideert diclofenac, carbamazepine en sulfamethoxazol tot kleinere fragmenten die gemakkelijker verder biologisch afbreekbaar zijn. De verwijderingsrendementen van een ozonbehandeling variëren tussen 50 en 90%, afhankelijk van het type geneesmiddel.2 Maar ozonisatie kent ook bijwerkingen. Zo kan ozon reageren met bromide waardoor het persistente en potentieel schadelijke bromaat tot stand komt. Daarnaast vormen zich transformatieproducten waarvan de toxiciteit onduidelijk is. Daarom wordt ozonatie vaak gecombineerd met een nafiltratie met actieve kool om eventuele restbijproducten te verwijderen.
Het effluent van een waterzuiveringsinstallatie door een bed van actieve kool leiden, laat toe om organische microverontreinigingen, waaronder geneesmiddelenresiduen, te adsorberen. Deze techniek is effectief voor veel vervuilende stoffen (60-95% verwijdering) en produceert weinig bijproducten. De verzadigde kool wordt regelmatig vervangen en verbrand.
Bij nanofiltratie of omgekeerde osmose wordt het effluent onder hoge druk door een semipermeabele membraan geperst, waarbij verontreinigingen worden tegengehouden op basis van molecuulgrootte en lading. Deze technieken kunnen rendementen halen van rond de 80%, maar zijn momenteel duur en energie-intensief in vergelijking met ozonatie of actieve kool. Een kritieke beperking voor grootschalige toepassing van nanofiltratie is de productie van een concentraatstroom (brijn) waarin microverontreinigingen zich ophopen en die een complexe nabehandeling noodzakelijk maakt.1
Combinatiezuivering
Naast ozon, actieve kool en membraantechnologie loopt er onderzoek naar verschillende aanvullende technologieën om medicijnresten te verwijderen: Uv-licht gecombineerd met waterstofperoxide, elektrocoagulatie, nanobubble-technologie, enzymatische filtratie, zuivering via planten (fytoremediatie), alg-gebaseerde systemen en microbial fuel cells.
Geen enkele methode haalt op zich 100%, en allemaal vergen ze aanzienlijke investeringen. Waterzuivering gaat de richting uit van technologisch complementaire combinaties die een evenwicht nastreven tussen zuiveringsrendement, energieverbruik en kosteneffectiviteit.
PREWAPHARM: een grensoverschrijdende en brongerichte aanpak
Medicijnresten houden zich niet aan administratieve grenzen: wat vandaag in een bovenstrooms gebied in België of Nederland in het water terecht komt, zal morgen meetbaar zijn in het rivierwater verderop. Het PREWAPHARM-project (‘Medicijnresten in ons water aanpakken aan de bron’) vertrekt daarom van een grensoverschrijdende ketenaanpak.3 In dit Interreg NWE-consortium bundelen waterexperts en farmaceutische experts uit zeven Noordwest-Europese landen hun kennis, onderzoeksgegevens en praktijkervaring. Dat zorgt voor snelle uitwisseling, en maakt het mogelijk om oplossingen meteen schaalbaar te ontwerpen voor diverse zorg- en watersystemen.
PREWAPHARM kiest radicaal voor maatregelen zo dicht mogelijk bij de bron van de vervuiling en test en demonstreert het project ingrepen die voorkomen dat geneesmiddelen überhaupt in het afvalwater belanden. Dat gebeurt op meerdere niveaus: van afvalwaterzuivering van volledige zorginstellingen, aparte ziekenhuisafdelingen en lokale installaties. Ook aangepast voorschrijfgedrag en bewustmaking bij patiënten en maatschappij dragen bij aan een vermindering aan de bron.
Hoewel extra stappen in de waterzuivering onmisbaar zijn in een samenleving met toenemend medicijngebruik bij mens en dier, blijft het uiteindelijk symptoombestrijding. De echte oplossing ligt aan de bron: voorkomen dat geneesmiddelen überhaupt in het water terechtkomen. Daar ligt een belangrijke rol voor artsen, apothekers en patiënten: zo weinig mogelijk medicijnen gebruiken, regelmatig therapieën evalueren op nut en doeltreffendheid, en bewust omgaan met medicijnafval.
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Geneesmiddelen en waterkwaliteit. RIVM Briefrapport 2016-0111. https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/2016-0111.pdf
- Stichting toegepast onderzoek waterbeheer (stowa). Evaluation Innovation Programme Removal of Micropollutants at Wastewater Treatment Plants. https://www.stowa.nl/publicaties/evaluation-innovation-programme-removal-micropollutants-watestewater-treatment-plants
- Interreg North-West Europe. PREWAPHARM (Prevent water pollution by pharmaceuticals). https://prewapharm.nweurope.eu/
- Dirk Halet is strategisch coördinator Water, VITO Kennispunt Water;
- Isabelle Delaere is communicatiecoördinator, VITO Kennispunt Water.
Citeer dit artikel
Halet D, Delaere I. Waterzuivering in de praktijk: medicijnresten glippen erdoor. Huisarts Nu 2026;55(4): enkel online.