Menu
Geavanceerd zoeken

Meer dan 20 jaar geleden was navorming niet alleen een bekommernis; het was de aanleiding om de WVVH op te richten. Vandaag, méér dan ooit blijft de boodschap van Fons Van Orshoven aktueel: als HA zien we onze patiënten in een véél breder kader dan zijn ziekte zoals beschreven in de veelal specialistisch geïnspireerde handboeken.

Moment van bezinning: hoe wordt de WVVH gezien? Nog steeds als een bovenpool boven de huisartsen te velde of eerder als een service-organisatie ten dienste van diezelfde huisartsen?

Met de zonnige dagen horen we ook meer de klacht van gezwollen benen. Ze geven dikwijls aanleiding tot paniek, ook wanneer daar geen enkele reden voor aanwezig is.

Een status praesens van het eksperiment waarbij voorzien wordt in een gedeeltelijke opvang door de huisarts van de dringende hulpverlening in het kader van de dienst 900. Registratie op eenvormige wijze kan belangrijke elementen voor wetenschappelijk onderzoek aanbrengen, met voordelen voor de patiënt, de huisarts en de gemeenschap.

Veldwerkers uit de eigen regio onderzoeken de efficiency van samenwerking binnen de eerste lijn in het Tieltse. Als voornaamste stap naar de verbetering zien zij de geleidelijke groei van een eigen klimaat, waarin samenwerking kan gedijen.

De uitbouw van een solo- tot duopraktijk en later tot groepspraktijk brengt een toename van de individuele en gemeenschappelijke kosten met zich mee. Slechts bij voldoende vermeerdering van het patiëntenbestand kunnen de gestegen kosten grotendeels gekompenseerd worden. Tegenover een daling van het inkomen staat in elk geval een toegenomen arbeidsvreugde.

De bedoeling van dit artikel is een verslag te geven van de groei en de institutionalisatie van de samenwerking tussen het Centrum voor Geestelijke Gezondheidszorg te Genk en een aantal huisartsengroepen uit de omgeving.

Dit artikel probeert een aantal aandachtspunten naar voor te brengen die zowel voor vaste teams in de eerste lijn (bv. home-teams, wijkgezondheidscentra...) als voor losse teams (centra van diensten, T.G.Z.-equipes...) van toepassing kunnen zijn. We vertrekken hierbij uit die leerpunten uit de eigen ervaringen die mogelijk voor startende teams van belang kunnen zijn. De tekst beperkt zich tot de inhoudelijke en praktische benadering van team-besprekingen en laat allerlei strukturele en andere problemen, waar teams mee te maken hebben onbesproken.

De arts verwijst als hij zich onbekwaam acht zelf de patiënt te helpen, en weet dat de beoefenaar van een andere discipline hulp kan verlenen. Om samen te werken moet de technische bagage van de andere hulpverlener komplementair zijn aan de kennis van de verwijzende arts, maar moet tevens de medische filosofie van beiden gelijklopend zijn.

Voor huisartsen is samenwerking in een thuisgezondheidszorg-team meer dan de mogelijkheid, patiënten te verwijzen naar «helpers». In dit team wordt niet de hiërarchie verdedigd van de huisarts die «de spil» van het team moet zijn. Pas vanuit samenwerking in horizontale relaties krijgt de arts kans zich te verrijken aan de inzichten van zijn medewerkers.