Menu

Erika, een kwieke vrouw van 54 jaar, komt langs voor rookstopbegeleiding. “Ik rook al heel m’n leven”, vertelt ze, “vorige week was ik bij de longspecialist en die heeft mij aangeraden om te stoppen met roken, liever vandaag dan morgen.” De pneumoloog had na een aantal onderzoekingen de combinatiediagnose COPD/astma gesteld. “Een klap in mijn gezicht”, geeft ze aan.

Onder dokters wordt weleens gezegd dat een huisarts een afspiegeling is van zijn patiënten, of ze tenminste verdient. We leven in een wereld van expert opinions, dus ik laat het aan elke lezer om dit zelf na dit verhaal te beoordelen.

In de agenda van de huisartsenpraktijk staat Henk genoteerd, een 60-plusser met een nieuwe diagnose van diabetes type 2. De huisarts brieft me vooraf.

Vrijdag 15 oktober 2020. Er komt een mail binnen van LEIFAntwerpen: ‘Huisarts-in-opleiding zoekt een arts die in contact kan komen met een patiënte en de vraag naar euthanasie kan beoordelen, eventueel ook om de euthanasie uit te voeren.’

Zoals het een Noël betaamt, is hij geboren op kerstdag, enkele jaren na de Tweede Oorlog. Goed bewaard, wat van z’n broers en zussen niet gezegd kan worden, want die hebben op relatief jonge leeftijd het tijdelijke met het eeuwige verwisseld wegens hartfalen, na één of meerdere infarctjes.

Op een zonnige woensdag pak ik het ECG-toestel zorgvuldig in in de bijbehorende zwarte tas. Dubbelchecken of ik alle onderdelen bij heb, want ik ga een ECG afnemen bij Marc, een man van begin 70 jaar. Hij woont op wandelafstand van de praktijk, maar kan niet naar de praktijk komen door aanslepende rugpijn.

Michels papa is heel oud geworden, wel negentig. Hij was een artisanaal ijsventer, maakte ambachtelijk ijs, specialiteit banaan en pistache. Wie kan nu tegen ijs, dat het leven verlengt, zijn? Mocht de prijs van ijs door de stijgende grondstoffen pieken, dan wordt dit toch gesubsidieerd. Alles voor de gezondheid, toch? Met een beetje verbeelding kun je het groen als blauw zien en is er nog eens steun voor de correcte strijdende partij.

Een kreupel dametje wandelt met rollator mijn spreekkamer binnen. Ze draagt een grote bril met dikke glazen en een raar vissershoedje. Natuurlijk ontbreekt in deze coronatijden ook het chirurgisch mondmasker niet, dat schel afsteekt tegen haar vaalblauwe trainingspak. Als ik het dossier raadpleeg, zie ik dat ze slechts 68 jaar is terwijl ik haar zeker 80 jaar had gegeven.

Rachida is een vijftigjarige niet-van-­hier-patiënte, die uit Marokko via een verblijf in Spanje in onze straat is beland. Als ik aan haar denk, zie ik alleen één grote glimlach en stralende ogen in haar hoofddoek.

Op dinsdagochtend, tijdens de consultaties in het asielzoekerscentrum, ontmoet ik Brahim. In zijn dossier lees ik dat hij tijdens zijn vluchtroute van Noord-­Afrika naar België van een hoge muur is gesprongen en daarbij een van zijn ruggenwervels heeft gebroken.