Menu

Tutorgesprekken in het medisch curriculum faciliteren het transformatieproces van student naar patiëntgerichte professional. Het gaat hier om de nulde lijn van psychisch welzijn van de studenten, die kwetsbaar maar gezond met zichzelf en met elkaar kunnen omgaan. De tutorgesprekken in de huisartsenopleiding worden nu gevoerd tussen vier pupils en een tutor. Deze nieuwe format geeft een andere dynamiek in de peergroepjes dan in een gesprek van één op één, met andere mogelijkheden.

Stress, surmenage en burn-out zijn voorbeelden van veelvoorkomende maar weinig bestudeerde psychische problemen in de eerste lijn. In de literatuur zijn deze begrippen slecht omschreven en blijkt een standaardaanpak voor huisartsen niet voorhanden. Aan de hand van een casus wordt in dit eerste deel bij deze begrippen stilgestaan.

Aan de hand van een casus wordt duidelijk gemaakt hoe men anno 2011 in de regio Vlaams-Brabant Oost jonge mensen met een dreigende psychose tracht op te vangen.

In dit praktijkgerichte artikel vindt u zeer concrete, bruikbare richtlijnen die bijdragen tot een verbetering van de lichamelijke en geestelijke gezondheid van psychiatrische patiënten.

Een harde vaststelling: patiënten die door hun psychisch lijden en de behandeling met psychofarmaca gevoeliger zijn voor een aantal aandoeningen, worden niet altijd op dezelfde manier behandeld als andere patiënten.

In dit artikel bieden we u een overzicht van de evoluties die de geestelijke gezondheidszorg in België heeft ondergaan. Vernieuwde zorgvormen, die zijn afgestemd op de individuele noden van een patiënt, moeten reïntegratie in de maatschappij vooropstellen.

Studies geven aan dat de kwaliteit van ervaringen in de huisartsenpraktijk in de vroege studiejaren bijdraagt tot het kiezen voor huisarts als latere carrière. ‘Work place learning’ in de huisartsgeneeskunde is vooral gestoeld op kwaliteit van supervisie, het in contact komen met een voldoende diversiteit aan patiënten en de mogelijkheid tot onafhankelijk werken.

Zorg moet menswaardig zijn en rekening houden met de verschillende dimensies van de persoon: er is lichamelijke zorg, maar ook psychische, relationele, sociale en zelfs spirituele zorg. Vanuit deze verschillende dimensies kan de hulpverlener waardigheidsondersteunende zorg bieden.

Inzicht in iemands mentale veerkracht of ‘resilience’ kan helpen om ernstige stresssituaties of mentale problemen te verklaren en de mogelijke outcome van de situatie en/of behandeling te voorspellen. Door de hoge correlatie met de kans op burn-out zijn deze veerkrachtsmetingen ook waardevol bij de hulpverleners zelf, om aan die kant van de behandelingstafel beter zicht te krijgen op de kwetsbaarheden en limieten.

Zo'n twintig jaar geleden werd de term 'sarcopenie' geïntroduceerd om het verlies van spiermassa op latere leeftijd te benoemen. Intussen werd in toenemende mate onderzoek gedaan naar de factoren die sarcopenie beïnvloeden en naar de preventie en behandeling ervan.