Menu
Geavanceerd zoeken

De ‘surprise question’ bleek in dit praktijkproject een haalbare methode om een lijst met patiënten te bekomen met wie de arts kan praten over vroegtijdige zorgplanning. Ook het voeren van ACP-gesprek (Advanced Care Planning) verbeterde de communicatie hierover.

In dit tweede deel wordt onderzocht welke barrières huisartsen en cardiologen ervaren bij vroegtijdige zorgplanning bij patiënten met chronisch hartfalen. Een gebrek aan een (postgraduaats)opleiding is momenteel de belangrijkste barrière om dit te bespreken.

Toegang tot de palliatieve zorg is voor patiënten met chronisch hartfalen niet vanzelfsprekend. In dit eerste deel wordt in de dossiers nagegaan hoe huisartsen en cardiologen vroegtijdige zorgplanning toepassen.

Goede palliatieve thuiszorg eindigt soms jammer genoeg met een niet-geplande ziekenhuisopname ten gevolge van een decompensatie van de mantelzorg. In dit artikel wordt beschreven wat de valkuilen zijn en hoe de huisarts de familie in deze taak kan ondersteunen.

Verloopt de dagelijkse praktijk van het slechtnieuwsgesprek in Vlaanderen zoals de internationale richtlijnen suggereren? Is het slechtnieuwsgesprek een eenmalig gebeuren of eerder een traject? En wat is de rol van specialisten en mantelzorgers hierin?

De meeste huisartsen zien het als hun taak om ook het spiritueel welzijn van hun patiënten in kaart te brengen en te ondersteunen. Het vinden van de juiste woorden hiervoor blijkt niet altijd even gemakkelijk.

De richtlijn Palliatieve Sedatie van de Federatie Palliatieve Zorg Vlaanderen is een praktisch hulpmiddel om te bepalen wanneer palliatieve sedatie aangewezen is. Dit artikel bevat ook duidelijke richtlijnen over de voorbereiding, de afspraken met het palliatief team en de familie en het gebruik van sedativa.

Dit onderzoek toont aan dat culturele, sociale en legale factoren en verschillen in de organisatie van gezondheidszorg verklaren hoe continue diepe sedatie in een aantal landen verschillend gebruikt wordt.

Deze kwalitatieve studie gaat na hoe huisartsen in Vlaanderen sinds 2002 met legale euthanasie omgaan. Hoe bepalend hierin is de persoonlijke mening van de huisarts, de bestaande arts-patiëntrelatie en het individuele 'vermogen' om euthanasie praktisch toe te passen?

Ik heb een periode gehad, tussen de jaren 2001 en 2004, waarin ik 'pakkende' ervaringen in mijn praktijk van mij af wou, 'moest' schrijven. Het was een periode waarin ik zelf bezig was aan een emotionele en existentiële wederopbouw. Het ordenen van mijn gedachten en gevoelens op papier bracht voor mij sereniteit en rust.