Menu
Geavanceerd zoeken

De laatste tien jaar zijn in België meerdere specifieke onderzoeksnetwerken, permanent of tijdelijk, gelanceerd. In dit onderzoeksrapport wordt een generiek model van gegevensstroom voor een onderzoeksnetwerk beschreven en getoetst aan het nationale privacysysteem.

Voor verwijzende artsen is het ondoenlijk geworden om radiologiebeelden zelf te interpreteren. Daarom worden niet de beelden zelf maar wel het radiologieverslag als eindproduct van de radiologie beschouwd. Vreemd genoeg is dit verslag niet mee geëvolueerd.

Het is belangrijk dat coeliakie vroeg genoeg herkend wordt. Door diagnostische vertraging en slechte dieetcompliantie is de morbiditeit langer aanwezig en neemt de kwaliteit van het leven af. Deze studie ging na hoe groot de vertraging is bij de patiënt zelf, bij de eerstelijnsarts en bij artsen in de tweede lijn in het Nederlandse Zwolle.

Telefonische triage in Belgische huisartsenwachtposten gebeurt meestal door secretaresses zonder (para)medische achtergrond. Deze informele telefonische triage blijkt volgens dit onderzoek niet altijd veilig voor de patiënt. De zeer hoge mate van overtriage van administratieve problemen leidde bovendien tot een inefficiënt gebruik van de beschikbare middelen.

Deze studie beschrijft de patiëntencontacten van een klassieke huisartsenwachtdienst juist voor de oprichting van een huisartsenwachtpost. Deze gegevens zijn belangrijk voor het uittekenen van hervormingen. Het is ook een belangrijk ijkpunt voor het meten van het effect van de implementatie van de huisartsenwachtposten.

In de aanloop naar de viering van tien jaar huisartsenwachtpost(en) mag u in dit tijdschrift een artikelenreeks verwachten. Hierin zal telkens een vraag beantwoord worden over een bepaald aspect van de werking, de epidemiologie of het beleid aan de hand van de gegevens geregistreerd in de huisartsenwachtposten.

Als conservatieve behandelingen onvoldoende effect hebben bij persisterende klachten bij lumbosacrale discushernia met radiculair conflict, kiest men dan voor een operatie of voor infiltraties? Deze vraag wordt beantwoord op basis van het beschikbare wetenschappelijke bewijs.

De huisarts is een belangrijke zorgpartner in de preventie van recidieven en suïcide bij suïcidepogers. Als de huisarts rechtstreeks als eerste hulpverlener geconsulteerd wordt, moet hij de risico’s en de zorgbehoeften evalueren en een afweging maken of er somatische en/of psychiatrische criteria zijn voor hospitalisatie.

Tegen 2020 zou er een daling van het aantal zelfdodingen met 20% moeten zijn ten opzichte van 2000. Het Vlaams Actieplan Suïcidepreventie 2012-2020 (VAS II) bouwt verder op het vorige actieplan, maar legt ook nieuwe accenten.

We kennen allemaal beelden uit reportages van kinderen in precaire situaties. Kinderen die met natte ogen onbegrijpelijk staren in de camera, terwijl volwassenen het nodig vinden hun wereld aan flarden te schieten. Plots zit dit televisiekind starend voor je. Een kippenvelmoment van een vervelende orde.