Menu

Ondervoeding houdt verband met negatieve gezondheidsuitkomsten, zoals verlies van spiermassa (sarcopenie), een hoger risico op complicaties en infecties tijdens ziekenhuisopname, vertraagde wondgenezing, gedaalde immuniteit, een afgenomen longfunctie en uiteindelijk een verhoogde mortaliteit.

Een jaar geleden, op 16 maart 2020, werd een noodplan voor de huisartsgeneeskunde afgekondigd om de verspreiding van COVID-19 in te dijken. Hoe hebben huisartsen deze eerste periode ervaren?

In maart 2019 bracht het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg of KCE een nieuwe richtlijn uit over de diagnose en aanpak van gonorroe en syfilis. Analoog hieraan verscheen in december 2019 een richtlijn over de diagnose en aanpak van chlamydia, uitgewerkt door de Werkgroep Ontwikkeling Richtlijnen Eerste Lijn (WOREL, EBpracticenet). Beide richtlijnen zijn een antwoord op de stijgende incidentie van seksueel overdraagbare aandoeningen of soa’s wereldwijd alsook in België.

Baarmoederhalskanker is een traag ontwikkelende maligniteit, die in België 3% van de nieuw ontstane kankers bij vrouwen vertegenwoordigt. Tot 80% van de gevallen van baarmoederhalskanker kan worden voorkomen door het screeningsprogramma, dat in 2013 werd opgestart.

De farmaceutische sector is in het westen een belangrijke partner in verschillende navormingsinitiatieven voor huisartsen. Dit kan aanleiding geven tot vertekening van de keuze van de onderwerpen of de aangeboden informatie. De meeste navormingsstrategieën (bv. symposia) hebben gemengde effecten. Onafhankelijke artsenbezoeken daarentegen zijn doeltreffend om de kwaliteit van het voorschrijfgedrag in de huisartsenpraktijk te verbeteren.

In 2014 werden in België 653 nieuwe diagnoses van baarmoederhalskanker gesteld en in datzelfde jaar stierven 157 vrouwen aan deze kanker. De gemiddelde leeftijd waarop baarmoederhalskanker optreedt, is lager dan andere kankers (een piekincidentie tussen 40 en 55 jaar). Dit heeft als gevolg dat het totaal aantal verloren levensjaren hoger is.

Om klinisch-wetenschappelijk bewijs te kunnen vertalen naar de praktijk is het essentieel om verandering in professioneel gedrag te begrijpen, inclusief de barrières en faciliterende factoren. Interventies die in een klinische onderzoeksetting het meest doeltreffend zijn, zijn echter niet noodzakelijk de interventies die huisartsen het liefst willen leren, het makkelijkst vinden om toe te passen of prioritair te implementeren, of die het meest geschikt zijn voor hun praktijk.

Geneeskunde is geen nine-to-five gegeven. In Vlaanderen voorzien spoeddiensten en huisartsen van wacht in zorg buiten de kantooruren of out-of-hours care. In sommige regio’s kunnen patiënten eveneens terecht in huisartsenwachtposten.

Gezondheidsprofessionals benadrukken vaak de belangrijke rol die informele mantelzorgers opnemen om de kwetsbare oudere zolang mogelijk thuis te houden. De zorg voor een kwetsbare hulpbehoevende oudere kan echter een grote uitdaging betekenen, die bij de mantelzorger kan leiden tot lichamelijke en psychologische problemen, een financiële draaglast en sociaal isolement. De meeste mantelzorgers zijn vrouwen, doorgaans dochters, schoondochters en echtgenotes. In de zorg voor ouderen kan het zijn dat volwassen kind-mantelzorgers meer stressoren ervaren dan partner-mantelzorgers. Vanwege hun...

Patiënten met psychische problemen nemen even vaak contact op met de dokter van wacht als met hun behandelende huisarts. De meest voorkomende problemen wereldwijd zijn angststoornissen en depressies. In deze analyse konden we vaststellen dat dit ook zo is tijdens de wachtdienst. Opvallend is wel dat patiënten met een psychische diagnose veel vaker doorverwezen worden (22%) dan andere patiënten (10%).