Menu
Geavanceerd zoeken

Sommige families heb ik, ondanks het hele coronagebeuren, toch nog veel gehoord of gezien. Zo ook de familie Hasmi: een fijn jong gezin waarvan de ouders afkomstig zijn uit Afghanistan. De moeder is een stevige dame die veel lacht maar helaas beperkt Nederlands spreekt. De vader is een knappe en verzorgde man die heel beleefd is en wel goed Nederlands spreekt. Ze hebben twee schatten van zoontjes.

“Eigenlijk was ik boos op jou in het begin”, zegt ze met een stralende glimlach. “Boos omdat je geen verdere onderzoeken voorstelde of andere medicatie gaf, nu versta ik dat.”

De meeste mensen weten wel wat gezond is, maar slagen er niet in het vol te houden. Dit boek profileert zich net als géén dieetboek, maar wel als een handboek om inzicht te krijgen in het ‘waarom’ van het falen gezond te eten, om zich daar vervolgens tegen te wapenen. Het boek staat dan ook vol met handige tips en is een echt doeboek (met invulpagina’s!).

Een vrolijke man uit Afrika wandelt mijn kabinet binnen. Eerder deze week vertelde hij aan de telefoon dat hij sinds zijn laatste bezoek aan Afrika koorts heeft. “I feel it is malaria, I had it before and it feels exactly the same.” En nu zit Serge voor me: een grote, stevige man die straalt van de levensvreugde. Hij benadrukt direct dat hij een test voor malaria wil: “I’m sure, doctor, it is malaria. So I need a test and treatment! I’m hot all the time and sweating all over my body.”

Misschien verschijnt dit stukje postuum, want ik schrijf dit in complete coronawaanzin op vrijdag 13 maart, ook dat nog. Ik heb voor mijzelf en mijn dierbaren beslist om met heel de heisa stoïcijns om te gaan.

Een dame, al langer bekend in de praktijk, komt op het spreekuur voor hernieuwing van haar medicatie. De dokter neemt de tijd voor het klinisch onderzoek en stelt daarbij vast dat haar bloeddruk en gewicht zijn toegenomen. Na enkele raadgevingen over aanpassing van de levensstijl stelt hij haar voor om de dosering van de medicatie te verhogen en geeft haar ten slotte het voorschrift mee. Hierop begint de dame te huilen. Dat is een eerste casus in dit boek die om verduidelijking vraagt.

Dit boek, het nieuwste in de reeks ‘Kleine kwalen’, werd geschreven door huisartsen-in-opleiding. Het boek is bedoeld om zowel huisartsen, haio’s, gynaecologen als vroedvrouwen evidence based te ondersteunen in hun medisch beleid bij zwangeren.

Een huisartsgeneeskunde zonder antibiotica, lokale anesthetica of psychiatrie: vandaag kunnen we er ons amper een voorstelling van maken. Toch moesten artsen zich ruim een eeuw geleden behelpen zonder een arsenaal aan farmaca, zonder gedetailleerd diagnostisch potentieel en zonder een uitgebreid technisch instrumentarium.

Wanneer door de coronapandemie de wereld er straks anders zal uitzien en men over de periode voor en na zal spreken, dan lijkt het nu aangewezen om naar de gevolgen van vroegere epidemieën te kijken. Een wiskundig geïnspireerde reflectie kan daarbij een verfrissende kijk op deze epidemie werpen, waarmee iets gezegd is over de inhoud van twee boeken die onlangs zijn verschenen. Ondanks het feit dat elke epidemie ingebed ligt in een specifiek historisch kader, delen epidemieën immers structurele verwantschappen met elkaar.

Samenwerken met andere artsen en paramedici zit in de lift. Maar wat is de beste samenwerkingsvorm? Deel je de kosten of ook de inkomsten? Hoe regel je zoiets juridisch? Hoe maak je duidelijke afspraken om conflicten te voorkomen en te zorgen voor een succesvolle uitbouw van je eigen praktijk en carrière?