Menu
Geavanceerd zoeken

Met niet weinig trots presenteerde het Vlaams Instituut Gezond Leven recent zowel de nieuwe voedings- als bewegingsdriehoek. Met eenvoudige symbolen, kleuren en vormen informeren deze de burger over wat we moeten vermijden, verminderen of vermeerderen. Bedoeling is uiteraard dat dit wijdverspreid geraakt en dat men de nieuwe driehoeken toepast in alle levensdomeinen: thuis, op het werk, in de vrije tijd, op school,…

Het Vlaams Instituut Gezond Leven (voorheen VIGeZ) introduceerde half september een volledig vernieuwd model van de actieve voedingsdriehoek: een voedingsdriehoek én een bewegingsdriehoek. Deze nieuwe modellen komen tegemoet aan de wetenschappelijke en maatschappelijke evoluties. Het eerste voedingsvoorlichtingsmodel in Vlaanderen dateert al van 1967: het Klavertje Vier. Dertig jaar later, in 1997, werd de voedingsdriehoek geïntroduceerd. In 2004 werd de voedingsdriehoek aangevuld met een beweeglaag. Zo ontstond de actieve voedingsdriehoek. In 2011 volgde nog een beperkte inhoudelijke update.

Medicamenteuze therapietrouw wordt door de World Health Organization (WHO) gedefinieerd als een correcte inname van 80-120% van de medicatie gedurende een bepaald tijdsinterval. Bij ouderen, mensen van 65 jaar en ouder, stijgt therapieontrouw tot 50% afhankelijk van de context. De WHO deelt de factoren die therapietrouw beïnvloeden, in volgens vijf grote dimensies: socio-economisch, gezondheidszorgsysteem en -organisatie, therapie-, ziekte- en patiëntgerelateerd. Volgens een systematische review van Yap et al. zijn er tachtig beïnvloedende factoren, ondergebracht in vijf categorieën: patiënt-...

Samen kunnen huisartsen en officina-apothekers meer bereiken voor de gezondheid van hun patiënten. Meer nog dan vandaag het geval is, kan een goed gebruik van geneesmiddelen klinische outcomes en levenskwaliteit verbeteren.

Sinds 1 oktober kunnen patiënten officieel een huisapotheker kiezen. Verandert dit ook de samenwerking met de huisartsen? We polsten bij een duo huisarts en apotheker.

Een acute ongecompliceerde luchtweginfectie is het meest voorkomende ziektebeeld in de westerse eerstelijnszorg. Een aanzienlijk deel van deze patiënten wordt behandeld met antibiotica. Het voorschrijven van antibiotica brengt echter tal van nadelen met zich mee: medicalisering van zelflimiterende aandoeningen, extra kosten voor de gezondheidszorg, een groter aantal terugkerende raadplegingen voor dezelfde symptomen en een toename van de resistentie tegen antibiotica.

De roep om verantwoord antibioticagebruik klinkt alsmaar luider; de nadelige gevolgen van antibioticagebruik worden op diverse terreinen dan ook steeds meer aangetoond.

Huisartsen zijn het eerste aanspreekpunt voor de patiënt, en we gaan ervan uit dat we open staan voor alle denkbare problemen. Dat is ten slotte de kern van onze job. Maar om dat waar te maken, zijn we best bedacht voor drempels die niet meteen zichtbaar zijn, maar wel voelbaar voor de patiënt.

Sensoa, het Vlaams expertisecentrum voor seksuele gezondheid, lanceerde eind september de ‘seksmythescampagne’. Alle huisartsen kregen een poster en steekkaart over praten over seksuele gezondheid in de bus. Met deze campagne wil Sensoa inzetten op het weerleggen van enkele veelvoorkomende mythes omtrent seksualiteit. Die staan een gezond seksleven vaak in de weg. De campagne kan ook een aanknopingspunt vormen voor huisartsen om te praten over seksuele gezondheid en sommige mythes te weerleggen.

Het is razend druk op de praktijk als de secretaresse een telefoontje krijgt van meneer V. en dit telefoontje naar mij doorverbindt. “Anne Marieke, meneer V. wil graag een dokter spreken want hij heeft de onderste helft van zijn kunstgebit ingeslikt. Mag ik hem doorverbinden?” Verwonderd over wat er toch allemaal in deze praktijk gebeurt, neem ik de telefoon op. “Dokter, ik was juist mosselen met frieten aan het eten toen ik plots mijn kunstgebit heb ingeslikt! Ik vind het nergens terug, het moet wel in mijn maag zitten. Kan er snel iemand van jullie langskomen?”