Menu

Patiënten met een immuunstoornis, en vooral patiënten met een orgaantransplantatie, reageren minder goed op vaccinatie tegen COVID-19. Dat blijkt uit een recente meta-analyse van onderzoekers uit Singapore. Het is aangewezen om de vaccinatie van patiënten onder immuuntherapie nauwkeurig in te plannen op een moment dat het immuunsysteem hiervoor maximaal klaarstaat.

Dit opiniestuk verwoordt een controversieel standpunt van een collega-huisarts over COVID-vaccinaties. De redactie van Huisarts Nu staat achter de strategie om zoveel mogelijk mensen te vaccineren, want anders blijft SARS-CoV-2 smeulen in de groep van ongevaccineerde mensen. Uiteindelijk blijft COVID-19 een urgentie voor de volksgezondheid en zorgt het nog steeds voor oversterfte. Toch vinden we het interessant om dit standpunt over al dan niet (verplicht) vaccineren integraal te publiceren.

Samenwerking tussen huisapotheker en huisarts zorgt ervoor dat TNF-α-remmers optimaal en veilig gebruikt worden. Het MFO gaat dieper in op de specifieke voorzorgsmaatregelen bij deze geneesmiddelen.

Deze observationele ‘real life studie’ toont duidelijk het beschermend effect aan van de vaccins van AstraZeneca en Pfizer tegen infecties met de deltavariant van SARS-CoV-2. Dit onderzoek geeft echter geen antwoord op de duur van deze bescherming na de laatste inenting.

Onderzoek binnen en buiten Europa toont aan dat huisartsen meerdere barrières ondervinden bij het benaderen van ouders die een sceptische houding aannemen ten aanzien van vaccinaties voor hun kinderen. Huisartsen zijn niet geneigd om tijd te investeren in discussies over het thema omdat ze vinden dat andere issues voorrang verdienen. De overtuiging dat de discussie de mening van de weerstandige personen niet zal veranderen, speelt hierbij ook een rol.

Van 15 tot 29 maart 2019 werden persoonlijke interviews afgenomen bij 27 524 Europese burgers uit verschillende sociale en demografische groepen. Deze interviews gebeurden in de thuisomgeving van de deelnemers en in de eigen moedertaal.

Tot op vandaag hebben de meeste patiënten die lijden aan een acute myeloïde leukemie een slechte prognose, met een gemiddelde vijfjaarsoverleving van 26,6%. Eén van de belangrijkste redenen van vroegtijdig overlijden is herval, zelfs wanneer volledige ziekteremissie bereikt werd na behandeling met chemotherapie. Dit herval wordt veroorzaakt door de aanwezigheid van overblijvende leukemiecellen.

Zwangere vrouwen en pasgeborenen hebben in het algemeen een verhoogd risico voor infectieziekten. Kinkhoesten griepvaccinatieprogramma's tijdens de zwangerschap hebben bewezen dat ze effectief zijn in het voorkomen van ziekte en hospitalisatie door kinkhoest en influenza, van zowel zwangere vrouwen als hun jonge zuigelingen. Sinds augustus 2013 raadt de Hoge Gezondheidsraad van België (HGR) kinkhoestvaccinatie tijdens de zwangerschap aan bij iedere zwangerschap tussen 24 en 32 weken zwangerschapsduur.

De vaccinatiegraad is de meest gebruikte indicator om vaccinatieprogramma’s te beoordelen. Wanneer administratieve gegevens over het aantal toegediende dosissen van de vaccins per doelgroep niet beschikbaar zijn, kan de vaccinatiegraad opgevolgd worden via periodiek (elke 3 tot 5 jaar) uitgevoerde surveys in de bevolking (i.e. vaccinatiegraadstudie), zoals in Vlaanderen gebeurt sinds 1999.

Oktober 2013."Dokter, ik wil een overzicht van al mijn vaccinaties, vraagt het zeventienjarige meisje dat binnenkort door haar school op stage wordt gestuurd in de kinder- en jeugdzorg. Even opzoeken op www.vaccinnet.be of gaat dat niet zo vlot?