Menu
Geavanceerd zoeken

Klimaatverandering, vervuiling van het leefmilieu, verlies van ecosystemen en biodiversiteit, alsook het gebrek aan natuur in een stedelijke omgeving hebben een negatieve impact op de menselijke gezondheid en het welzijn. Het pleidooi om planetaire gezondheid deel te laten uitmaken van de beroepsethiek van artsen en zorgverleners klinkt dan ook steeds luider.

Een stijgende dagelijkse temperatuurvariatie blijkt geassocieerd met een toenemende mortaliteit. Deze oversterfte wordt geschat op 1,4-10,3% voor de periode 2020-2099, een schatting waar beleidsmakers best rekening mee houden.

Klimaatverandering zal een toenemend effect hebben op onze gezondheid en ons gezondheidssysteem. Als huisarts zullen we hiermee steeds meer worden geconfronteerd en zullen we hiermee ook meer rekening moeten houden en ons bijscholen over deze gevolgen.

Vermoedelijk leiden verhoogde oestrogeenlevels pre- en postmenopauzaal tot een lagere incidentie van dementie. Zo toonde deze meta-analyse aan dat een latere menopauze en langere reproductieduur geassocieerd zijn met een lager risico op dementie. Een latere menstruatieleeftijd was J-vormig geassocieerd met het risico op dementie. Prospectief onderzoek is vereist om het directe verband tussen pre- en postmenopauzale oestrogeenlevels en dementie aan te tonen.

De consumptie van dierlijke producten, voornamelijk bewerkt en onbewerkt vlees, heeft een negatieve impact op onze gezondheid en op het klimaat. In rijkere regio’s, zoals in België, wordt te veel dierlijk voedsel geconsumeerd. In andere, veelal armere landen te weinig. Het minderen van onze consumptie van dierlijk voedsel zal positieve effecten hebben zowel op het klimaat als op onze gezondheid.

Je moet het ze het nageven. De spindokters van de tabaksindustrie hebben de laatste jaren een sterk staaltje marketing laten zien. Uitgeduwd in de asbak van de meest vervuilende persoonlijke pollutie, kwamen ze als een sfinx tevoorschijn met een welriekend nieuw product, de e-sigaret. Vapen, het inhaleren van een aerosol van smaakstoffen, is het nieuwe roken.

In de aanloop naar de komkommertijd leven studenten onder hoogspanning die ze niet zo gemakkelijk kunnen verteren. (Huis)artsen krijgen immers wel wat vragen om een examen of schoolactiviteit niet te moeten meedoen wegens ‘ziekte’: een verondersteld virale ziekte of spanningsklachten.

Welke taken neemt de huisarts op om zijn rokende patiënten te behoeden voor sterfte door longkanker? Is rookstop de enige weg of is er ook ruimte voor georganiseerde longkankerscreening? Naar aanleiding van de Werelddag tegen tabak op 31 mei geven we twee opinies weer: de visie van de de Vlaamse Taskforce Longkankerscreening en de visie vanuit het expertisedomein Preventie van Domus Medica.

Roken van tabak is nog altijd de grootste bedreiging voor de gezondheid. Voor 100% inzetten op een vroegtijdige rookstop is de meest doeltreffende interventie om de levenskwaliteit van de roker te verbeteren en ook om longkanker te voorkomen. Dat is en blijft de kerntaak van huisartsen; patiënten die roken voorbereiden op een screeningsprogramma naar longkanker, is dat niet.

Ik ben een oudere huisarts en heb de hele evolutie in de huisartsgeneeskunde na de Tweede Wereldoorlog zelf van dichtbij beleefd. Er is de sympathieke én toe te juichen evolutie naar multidisciplinaire samenwerking en vervrouwelijking.