Menu

De apotheker, een betrouwbare en nabije partner. Waarom deze samenwerking loont voor huisarts en patiënt

De apotheker, een betrouwbare en nabije partner

Waarom deze samenwerking loont voor huisarts en patiënt

Wat is bekend?
  • De officina-apotheker is de geneesmiddelenexpert die zowel voor de patiënt als voor de huisarts een betrouwbare en nabije partner vormt.
  • Via het Gedeeld Farmaceutisch Dossier (GFD) kan de huisapotheker een overzicht bekomen van alle medicatie die werd afgeleverd in de eerste lijn, inclusief OTC.
  • Nauwer samenwerken met apothekers in de buurt kan via een MedischFarmaceutisch Overleg (MFO).
Wat is nieuw?
  • Door de Falsified Medicine Directive (FMD), via decreet van de Europese Commissie, is men zeker dat voorschriftplichtige medicatie die in de apotheek wordt afgeleverd, niet vervalst is.
  • Het GFD zorgt ervoor dat, mits toestemming van de patiënt, de huisapotheker de huisarts sneller op de hoogte kan brengen van problemen met therapietrouw, verslaving, ...
  • Een nauwere samenwerking met apothekers (o.a. via een MFO) kan de praktijk van de huisarts enorm faciliteren.

Inleiding

Van zodra een patiënt het kabinet van de huisarts verlaat met een voorschrift, kan deze meteen en zonder afspraak terecht in zijn vaste en nabije huisapotheek. De huisapotheker stelt alles in het werk om de therapie, voorgeschreven door de huisarts, correct op te starten en de patiënt waar nodig te begeleiden.

Maar wat als het misloopt en in welke mate is een goede samenwerking met de apotheker dan gewenst? Wanneer kan de huisarts verwachten dat de apotheker hem contacteert voor een goede opvolging van de patiënt?

Nabije en permanente dienstverlening

Doorgaans zijn de meeste geneesmiddelen voorradig en kan de (acute) behandeling meteen gestart worden. Als bepaalde medicatie niet in voorraad is, kan die meestal binnen enkele uren geleverd worden via erkende farmaceutische groothandels. Wanneer een bepaald geneesmiddel toch ontbreekt, bijvoorbeeld door stockbreuken of contingenteringen, zal de apotheker in overleg met de voorschrijver proactief naar een oplossing zoeken om de continuïteit van de therapie te waarborgen. Zo kan het ontbrekende geneesmiddel gesubstitueerd worden of kan het maken van een magistrale bereiding een oplossing bieden. In laatste instantie kan het geneesmiddel vaak ook uit het buitenland geïmporteerd worden. Via overleg tussen apotheker en (huis)arts wordt zo de beste beslissing voor de patiënt genomen.

Indien de patiënt zelf niet in de mogelijkheid is om naar de apotheek te gaan (beperkte mobiliteit, quarantaine, enzovoort), voorzien de meeste huisapothekers thuislevering conform de geldende wetgeving. Zo beschikt de patiënt doorgaans zeer snel over zijn gewenste medicatie, ook als het weekend voor de deur staat. Daarnaast is er 24/24 en 7/7 permanentie voorzien via de apotheek van wacht.

Garantie op kwalitatieve en ­veilige medicatie

Naast een nabije en permanente dienstverlening biedt de apotheek de garantie dat de patiënt over een kwalitatief en authentiek geneesmiddel beschikt. Dit wordt verzekerd door een bewakingssysteem bij zowel de farmaceutische groothandels als de apotheker.

Door de Falsified Medicine Directive (FMD), via decreet van de Europese Commissie, is de apotheker immers verplicht om elk voorschriftplichtig geneesmiddel vóór het afleveren te registreren via een unieke 2D-code. Als de code bij het inscannen geen foutmelding geeft, is de authenticiteit 100% gegarandeerd. Een heel ander verhaal dus dan wat zich soms bij illegale internetverkoop voordoet. Zo kan er van vervalste medicatie geen sprake zijn. Het bewakingssysteem garandeert ook de ‘koudeketen’ voor bijvoorbeeld insuline, biologicals en vaccins.

Aanvullend hierop organiseert de sector zelf extra controles op de kwaliteit van geneesmiddelen, nadat ze op de markt gebracht werden. Dit gebeurt door de Dienst voor Geneesmiddelenonderzoek (DGO), een erkend analyselaboratorium dat door de apotheeksector wordt gefinancierd. Wanneer het FAGG beslist dat een bepaald geneesmiddel of een lot ervan niet meer afgeleverd mag worden, resulteert dat vaak in een terugroepingsactie georganiseerd door DGO, zodat de bewuste stock ook niet in de apotheken of bij de groothandels achterblijft. Apothekers ontvangen dan documentatie met de desbetreffende lotnummers van het geneesmiddel en meer info over de reden van intrekking. Ze mogen de producten dan niet meer afleveren, maar moeten deze terugsturen naar de fabrikant via de DGO. Een recent voorbeeld van zo’n intrekking is ranitidine, waarin een carcinogene stof als contaminatie werd teruggevonden. Soms is ook een terugroeping tot op patiëntniveau nodig.

Overzicht en registratie van medicatie

Medicamenteuze behandelingen beperken zich vaak niet tot wat de huisarts voorschrijft. Het omhelst ook de over-the-counter (OTC) medicatie en alles wat voorgeschreven wordt door specialisten en tandartsen. Dat maakt het niet evident voor de GMD-houdende huisarts om een goed overzicht te behouden over alle medicatie die een patiënt inneemt. Omdat apothekers verplicht zijn om alle voorgeschreven medicatie bij aflevering te registreren op naam van de patiënt, is de huisapotheker de enige zorgverstrekker die een volledig beeld kan hebben op alle voorgeschreven én effectief afgeleverde medicatie van een patiënt.

Medicatiebewaking

Naast het afleveren en registreren van de juiste medicatie staat de apotheker samen met de huisarts in voor correcte, veilige en rationele farmacotherapie. Zo kan de apotheker met behulp van het Gedeeld Farmaceutisch Dossier (GFD) potentieel gevaarlijke geneesmiddelinteracties vaststellen, zelfs indien deze middelen (deels) in een andere apotheek werden afgeleverd. Denk hierbij aan het gelijktijdig gebruik van statines met bijvoorbeeld clarithromycine. Deze interactie kan leiden tot een hogere concentratie van het statine met rhabdomyolyse tot gevolg. De apotheker kan ook ingrijpen wanneer een (ernstige) contra-indicatie vermoed wordt. Denk hierbij aan het gebruik van NSAID’s, ook als OTC, bij patiënten met (ernstig) hart- of nierfalen of hoestsiropen met suiker bij diabetespatiënten.

Via het GFD kan dus informatie tussen verschillende apotheken worden uitgewisseld. Een recente studie van Tom Beaujean documenteerde de positieve impact van dit GFD door o.a. een betere monitoring van de therapietrouw, opsporen van interacties (bv. bij aflevering van medicatie tijdens een wachtdienst) of het opsporen van ‘geneesmiddelenshoppers’ over verschillende apotheken heen.1

Deze gegevensdeling binnen het kader van het GFD kan uiteraard enkel als de patiënt hiervoor zijn geïnformeerde toestemming heeft gegeven. Deze toestemming geldt enkel voor de zorgverstrekkers waarmee een therapeutische relatie bestaat en kan op elk moment weer door de patiënt worden ingetrokken.

Goed gebruik van geneesmiddelen

Daarnaast begeleidt de apotheker zijn patiënten in zijn therapietrouw en het goed gebruik van geneesmiddelen (GGG). Zo zal er bij elke nieuwe medicatie steeds een eerste-­uitgiftebegeleiding zijn, waarbij onder meer aandacht wordt besteed aan de correcte dosering, tijdstip van inname, de werking, wanneer het effect zal optreden, alsook de mogelijke, klinisch relevante bijwerkingen die de patiënt al dan niet kan verwachten.

De apotheker kan eveneens via een geprotocolleerd gesprek ‘Goed Gebruik Geneesmiddelen’ (GGG) de patiënt begeleiden omtrent zijn farmacotherapie en therapietrouw. Het GGG-gesprek bij inhalatiecorticosteroïden of diabetes zijn hiervan twee voorbeelden. Beide kunnen ook door de arts voorgeschreven worden. Ook zo werken arts en apotheker samen in het belang van een optimale therapie voor de patiënt.

Medisch-Farmaceutisch Overleg

Medicatie rationeel en veilig inzetten is geen eenvoudige opdracht en komt met gedeelde verantwoordelijkheid van verschillende partijen.

Een goede samenwerking met apothekers uit de buurt kan de praktijk voor de huisarts enorm faciliteren. Denk hierbij aan het maken van praktische afspraken rond medicatie en de onderlinge communicatie hierover. Zo kan de arts erop rekenen dat de apotheker een nabije, betrouwbare partner is die de vinger aan de pols houdt om de continuïteit van medicatie én farmaceutische zorg te garanderen.

MFO in de praktijk 

Het Medisch-Farmaceutisch Overleg (MFO) verstevigt de samenwerking tussen huisartsen en apothekers. Dit kan gaan over diverse thema’s, waarbij zowel inhoudelijke aspecten aan bod komen, maar ook praktische afspraken rond de samenwerking kunnen worden gemaakt. Die afspraken leiden tot een beter medicatiebeleid voor de patiënten. 

Wilt u nauwer samenwerken met apothekers uit uw buurt?

Meer info via www. medischfarmaceutischoverleg.be

Nieuwe programma’s

  • Lipidenmanagement in de eerste lijn
  • Geneesmiddelenbewaking
  • Veilig gebruik van osteoporosemedicatie in de eerste lijn
Besluit

Samen met de huisarts is de huisapotheker een betrouwbare partner binnen het zorgteam van de patiënt. Hij levert kwaliteitsvolle en 100% authentieke geneesmiddelen af die worden geregistreerd in het (gedeeld) farmaceutisch dossier (GFD). Op die manier beschikt hij vaak als enige over een volledig overzicht van de afgeleverde medicatie. Daardoor kan hij aan proactieve medicatiebewaking doen. Samenwerken loont dus en kan gefaciliteerd en geconcretiseerd worden via een MFO. 

Literatuur
  1. Beaujean T. Impact van het gedeeld farmaceutisch dossier in de officina-apotheek in België [masterproef]. Brussel: Vrije Universiteit Brussel; 2016-2017.
Auteur(s)
  • Silas Rydant is apotheker en verbonden aan de Koninklijke Apothekersvereniging van Antwerpen (KAVA), de Vrije Universiteit Brussel en UAntwerpen;
  • Hans De Loof is apotheker en verbonden aan het Departement Farmaceutische Wetenschappen, UAntwerpen;
  • Dirk Olyslager is apotheker en ondervoorzitter Koninklijke Apothekersvereniging van Antwerpen (KAVA);
  • Sofie Wouters is coördinator e-learnings Domus Medica en redactiemedewerker Huisarts Nu;
  • Georges Verpraet is apotheker en ondervoorzitter van de Algemene Pharmaceutische Bond.

Citeer dit artikel

Rydant S, De Loof H, Olyslager D, Wouters S, Verpraet G. De apotheker, een betrouwbare en nabije partner. Waarom deze samenwerking loont voor huisarts en patiënt. Huisarts Nu 2021;50:257-9.

Hebt u een vraag of opmerking?
Laat het ons weten!